Wat is een testament met een tweetrapsmaking?
14 juli 2019 Door: Peter Duijzend

Een tweetrapsmaking wordt ook wel een making over de hand genoemd (4:136 BW e.v.) en kent 1. een erfstelling of legaat onder ontbindende voorwaarde; 2. een making onder opschortende voorwaarde; 3. de voorwaarde van overleving (4:56 BW). De 30 jaarseis geldt niet voor tweetrapsmakingen. De bezwaarde en de verwachters moeten dan wel voldoen aan de kwaliteitseisen van 4:56 BW lid 2 en 3. Tweetrapsmakingen worden vaak vanwege fiscale redenen opgenomen. De belastingheffing volgt de feitelijk rechthebbende (bezwaarde) en in tweede instantie de opvolgers (verwachters). Veel echtparen benoemen de langstlevende tot bezwaarde en de kinderen tot verwachters om zodoende de partnervrijstelling bij het eerste overlijden optimaal te benutten en pas bij het tweede overlijden af te rekenen met de Belastingdienst. De tarieven zijn van toepassing op de dag van de vervulling van de voorwaarde (art. 21 lid 4 SW) op dat moment krijg je namelijk ook het overschot van de goederen.

Wanneer kinderen een beroep doen op hun legitieme portie geldt een verwachting als inferieure erfstelling (4:72 BW). Omdat het hier een inferieure erfstelling betreft, kan deze worden verworpen zonder imputatie op de legitieme portie mits de verwerping door minderjarige kinderen binnen 3 maanden na het overlijden geschiedt en de contantenverklaring van artikel 4:63 lid 3 BW wordt afgelegd. De kantonrechter kan op verzoek van de erfgenaam de termijn voor de afloop daarvan een of meer malen verlengen; de verlenging wordt in het boedelregister ingeschreven 4:77 BW. Zie ook: ECLI:NL:RBNHO:2023:3629

Minderjarige kinderen

Hoe zit het met de automatische beneficiaire aanvaarding door minderjarige kinderen. Volgens de wetsgeschiedenis begint de 3-maandstermijn van artikel 4:193 lid 1 BW bij een erfstelling onder opschortende voorwaarde pas te lopen bij vervulling van de voorwaarde (zie TK 27021, nr 3 blz. 21).